Geschreven door Josan.

Na een reactie van mij op de blog van 25 april 2021, heeft Conny mij gevraagd of ik een stuk wil schrijven vanuit mijn perspectief. Ten eerste omdat Conny zich zelf niet alles van de eerste weken kan herinneren, ten tweede omdat het voor haar (en anderen misschien ook?) interessant is om te lezen hoe buitenstaanders haar ongeluk hebben ervaren.
Ik zal beginnen met wat achtergrondinformatie. Hoe ken ik Conny?

Hiervoor moeten we terug naar 1990. Ik ben de helft van een tweeling. Mijn moeder kon niet via de natuurlijke weg zwanger worden, maar na een lang (toen nog experimenteel) IVF-traject raakte ze eindelijk in verwachting van mij en mijn zus. De toen 17 (!) jarige Conny kreeg les van mijn vader. Ze deed een studieopdracht over IVF en mocht mijn moeder interviewen. Wat Conny niet wist is dat mijn ouders opzoek waren naar een vaste oppas voor na onze geboorte. Na het interview bleek al snel dat mijn ouders Conny erg geschikt vonden, en zo werd zij mijn vaste oppas, nog voor ik geboren was.

Hierdoor maakt Conny onderdeel uit van de allereerste herinneringen die in heb. Dit heeft ervoor gezorgd dat wij na 31 jaar nog steeds een erg bijzondere band hebben. Het is alleen erg opmerkelijk dat de meeste herinneringen die ik heb aan vroegers op zijn zachts gezegd ‘bijzonder’ zijn, en ondanks dat mijn zus en ik vréselijk schattig waren, we Conny regelmatig flink voor lul gezet hebben. Met nadruk op lul, want de ‘meneer, heb jij ook een piemel?’ fase is Conny nog niet vergeten. En ik trouwens ook niet, daar zorgt Conny wel voor.
Inmiddels zijn we dik 30 jaar verder, en hebben wij nog altijd goed contact. Niet altijd even intensief, maar Conny (en Robbin net zo) is een constante factor in mijn volwassen leven geweest. Als ik Conny nodig heb, dan is ze is. Sta ik om 03.00 in Amsterdam? Conny komt me halen. Heb ik verdriet? Bij Conny mag ik uithuilen. Zit ik in de problemen? Conny komt helpen het lijk te begraven, no questions asked. Onze vriendschap is onvoorwaardelijk. Convoorwaardelijk.

Net als iedereen schrok ik toen ik het bericht op social media zag. In eerste instantie dacht ik nog dat het mee moest vallen, want ik zag iemand met beide duimpjes omhoog op een brancard zitten. Maar na contact met Robbin bleek dit al snel niet zo te zijn.
De volgende dag heb ik weer contact gehad met Robbin. Ze wilde spullen naar het Martini Ziekenhuis brengen, maar had zich verschrikkelijk pijn gedaan toen ze de dag ervoor uitgleed over het frituurvet. Ze durfde de (45 minuten durende) rit naar Groningen niet aan, wat meer dan begrijpelijk was. Robbin was ontzettend hyper toen we (ik en mijn vriend) aankwamen. Ze maakte zich druk om de geur van frituurvet (die wij eigenlijk niet roken) en de emmers die er nog stonden. Ze wilde Joey perse laten zien waar de schade was (van het vet) en wilde daarna pas even komen zitten om haar verhaal te doen. Het was ontzettend verdrietig om te zien dat Robbin, die normaal heel taai is, nu brak en emotioneel werd. Het was al snel duidelijk dat ze nog een lange weg te gaan had om dit te verwerken.

Aangekomen in Groningen gingen Robbin en ik samen naar binnen. Door Covid-19 waren er behoorlijk wat bezoekersrestricties, en al helemaal op de afdeling waar Conny lag. We hoopten dat ik haar even mocht zien, maar helaas moest ik in de wachtkamer wachten tot het bezoekuur voorbij was. Robbin had verteld dat ik er was toen ze wegging, dus FaceTimede Conny ons terwijl we terugliepen naar buiten. Het was duidelijk dat ze behoorlijk gedrogeerd (knetterhigh) was, en dat het bezoek van Robbin haar zwaar gevallen was. Ik heb mij kapotgelachen. Ze wilde niet ophangen totdat ze Joey gesproken had, die in de auto was blijven wachten. Intussen werd Conny nog boos omdat Robbin en ik een sigaret aan het roken waren, en zij op haar kamer moest blijven. Gelukkig vond Conny zichzelf érg grappig. De week daarop mocht ik eindelijk bij Conny langs. Ik vond het best spannend, want ik ben geen zorgheld. Ik houd niet van bloed, dood en verderf. Maar ik wilde geen pussy zijn, dus ging ik met opgeheven hoofd naar binnen. Gelukkig was het meeste netjes ingepakt, en zag Conny er verrassend goed uit. Alleen een stuk van de hak was zichtbaar, maar het was goed te doen. We hebben nog lol gehad over het mandrijnennet onderbroekje dat de verpleging in elkaar geflanst had. Die kon nog wel eens van pas komen wanneer daten weer een optie was. Ondanks dat ze met up- en downs erg emotioneel was, was ze ook gewoon zichzelf. Het was geruststellend om haar te kunnen zien. De weken daarna hebben we nog regelmatig gebeld met elkaar. Conny knapte duidelijk op, want ze begon zich steeds meer te vervelen.

Intussen was Robbin druk in huis bezig geweest. Er was behoorlijk wat frituurvet schade, en ze heeft als een ware heldin onderhandeld met de verzekering. Het was de bedoeling dat het opknappen een verrassing zou zijn, maar Robbin kon zich niet stil houden tegen Conny. Dit betekende helaas ook dat Conny haar paarse muur gewoon weer paars geverfd werd, dit werd ons heel duidelijk gemaakt vanuit het ziekenhuisbed in het Martini. Ik ben tot op de dag van vandaag #teamtaupe, maar ik ben blij dat Conny de muur mooi vond, Terwijl we met een groep bezig waren met klussen, kwamen we op het idee om een inzamelingsactie te houden voor Conny. In huis werd veel opgeknapt, maar de tegels in de tuin zaten onder het vet. Ook was er voor Conny geen plek om lekker beschut buiten te zitten, haar brandwonden mochten natuurlijk niet in de zon. Er was helaas geen budget meer om dit aan te pakken. We hoopten genoeg geld te kunnen verzamelen voor een paar tuintegels, maar dit werd per ongeluk iets meer. We hebben meer dan €1000 euro opgehaald! Hier hebben we Conny mee kunnen verrassen toen ze thuiskwam. Conny haar vangnet is niet groot, ze kan niet terugvallen op familie en ze wordt eigenlijk nooit verrast. Dit was voor ons een kleine moeite, maar voor Conny een groot plezier.
Thuiskomen was zwaar voor Conny. Vele alledaagse simpele dingen lukte niet altijd. Gelukkig hebben we voor de meeste dingen een praktische oplossing kunnen vinden, zoals een rollator voor als Conny terugliep vanaf de keuken. Conny heeft zich als een ware kampioen door dit proces geslagen, al was ze met enige regelmaat nog ontzettend emotioneel. Ik heb mee mogen kijken (en helpen, jaja) tijdens de thuiszorg momenten. En ik heb als oppas gefungeerd voor wanneer het even niet lukte.

Voor mij (ik denk voor iedereen) was het een emotioneel proces. Aan de ene kant zat ik vol met medelijden, aan de andere kant was ik apetrots hoe Conny zich door het proces sloeg. In het begin zat ik in een strijd met mezelf. Ik was bang dat ik óf te opdringerig was, óf te weinig liet horen. Ik had een druk privéleven, maar durfde dit niet altijd te zeggen. Dit sloeg helemaal nergens op, want Conny heeft altijd aangegeven begrip te hebben voor ons drukke bestaan. Ik probeerde een luisterend oor te bieden, maar ik wilde niet per ongeluk de verkeerde dingen zeggen. Ik ben blij dat ze zelf haar grenzen goed aangaf. Maar nu ook open is over het psychische deel, en de impact hiervan. Dat ze hier hulp voor zoekt is allen maar knap te noemen. Ik heb zelf van dichtbij meegemaakt hoe het is als iemand plots ernstig ziek wordt, ik hoop dat mijn ervaring hiermee Conny ook geholpen heeft. Het ongeluk krijgt voor mij steeds meer een plekje op de achtergrond en ik zie Conny gewoon weer als Conny. Er is alle ruimte om te lachen (gelukkig is Conny haar zwarte humor niet verloren) en alles is weer bespreekbaar. De fysieke littekens vervagen, maar de mentale littekens hebben helaas meer tijd nodig.

Ik ben er van overtuigd dat alles uiteindelijk goed komt. De nagels zijn er, de tuin komt er, de mooie kleding komt er. Voor mij is Conny een held. Ik kijk uit naar een normalere zomer, waarbij we weer genieten van het leven.
Josan.


2 antwoorden naar “Geschreven door Josan.”

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*