14, 17 en 18 juli 2020

14 juli 2020

De dag van de operatie. Zenuwachtig en peentjes zweten. Ik werd op gehaald en naar de operatie kamer gebracht. Infuus in mijn arm en het enige dat ik nog weet is dat de narcose vloeistof onwijs zeer deed.

Ik ben met heel veel pijn uit de narcose gekomen en gelukkig is de pijnstilling hier in het ziekenhuis heel goed. En die werd dus ook gelijk gegeven.

De operatie is goed verlopen. Ze hebben veel huid van mijn linker bovenbeen gehaald, dit weer in allemaal eilandjes gemaakt en op gerekt, dit zodat er een grotere oppervlak getransplanteerd kon worden. Uiteindelijk hadden ze nog stukjes huid over en daarmee hebben ze toch gelijk mijn billen ook maar getransplanteerd. En nu moet ik 9 dagen zo stil mogelijk blijven liggen. En de verband wissels zijn over. Althans de hele pijnlijke verbandwissels.

17 juli 2020

De afgelopen twee dagen was ik emotioneel een wrak. Verdriet, boosheid, het gevoel te hebben dat ik de pijnen niet meer kon handelen, de “waarom ik” vraag weer volop aanwezig.

En ineens ook het besef dat wanneer ik de tuin in was gelopen, in plaats van de keuken, ik hier niet alleen gelegen had. Dat mijn dochter hier dan ook gelegen zou hebben. Dat ik dan de frituurpan ook over haar heen gelanceerd had. En zij het vol over de voorkant van haar lichaam zou hebben gekregen. En deze gedachte kan ik niet meer los laten. Ik praat met een verpleegkundige en ondertussen begin ik te huilen. Met van die hele grote uithalen. In gedachten zie ik namelijk hoe dat zou zijn gegaan en ik voel hoe mijn huid bij die gedachte begint te tintelen, hoe ik misselijk wordt, tegen het over geven aan. Hoe mijn hartslag versneld en hoe ik in een paniekaanval/hyperventilatie aanval terecht kom. Ik heb ondertussen een spuugbakje bij mijn bed staan en de psychologe is ook gelijk gebeld en komt mijn kant op. Met haar praat ik hier verder over. En ik hoor haar wel zeggen dat dat dus niet gebeurt is, maar het zit in mijn hoofd en is heel erg aanwezig. En ik krijg het er niet uit. Zodra ik mijn ogen sluiten zie ik een film die nooit gebeurt is. En dat is raar, voelt raar. Iets zien gebeuren terwijl het nooit gebeurt is.

Ik merk dat ik, ondanks dat ik zo positief mogelijk blijf, het er sinds mijn operatie alleen maar moeilijker mee krijg. Alles zwaarder voelt.  Ik slaap weer heel veel, in de hoop dat de dagen dan sneller gaan. En gelukkig is slapen ook heel goed voor mijn herstel.

18 juli 2020

Dag 22. Ik ben er eigenlijk wel klaar mee! Ik wil naar huis. Naar mijn dochter, mijn hondje, mijn katten. Mijn eigen bank, mijn eigen bed. In principe ben ik nu op de helt van mijn ziekenhuis periode. En daar hou ik me aan vast. Aan die gedachte. De gedachte dat ik hier nog maximaal 22 dagen ben.

Maar ik wordt, als mensenmens, wel heel erg zat van het steeds maar alleen zijn. Van steeds hetzelfde uitzicht. Ik ben bij dat de lamellen van mijn kamer open zijn, zodat ik in elk geval nog wat beweging en mensen op de gang zie lopen. Bezoekers, artsen en verpleegkundigen. En de artsen en de verpleegkundigen kijken meestal wel even naar binnen en dan gaat de hand omhoog.

Het nadeel van de lamellen open, is dat ik zo nu en dan ineens een kinderbedje voorbij zie komen. Ik kan het kindje gelukkig niet zien, maar het bedje herken je wel. En dan voel ik me zo machteloos. Ik weet hoe zo’n pijn zo’n kindje moet hebben. Ik weet wat er nog gaat gebeuren. En automatisch kruip ik ineen. En hoop ik dat het allemaal wel mee zal vallen voor dat kindje.

En ik kijk iedere ochtend weer uit naar het moment dat mijn kamer schoongemaakt wordt. Want laat ik in godsnaam het lieve team van de interieurverzorging niet vergeten. Want ook zij hebben mee geholpen dat mijn verblijf in het ziekenhuis heel positief voelde. Altijd even een praatje, een lolletje. Een hele fijne afleiding als je alleen op een kamer ligt.

Een antwoord naar “14, 17 en 18 juli 2020”

  1. Waar ik ook ben, als er weer een stukje ban jou binnenkomt laat ik alles vallen … verslaafd aan het gevoel dat je oproept
    Je vertelt het allemaal zo beeldend, direct, zonder opsmuk, zo invoelbaar; kippenvel en een paar keer tranen in mn ogen. Elke keer.
    Dat stukje over het kinderbedje dat voorbij komt: met mega pijn ook nog de pijn van de ander er bij ervaren.
    💔

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*